 |
 |
 |
Vrouwen zijn niet minderwaardig aan mannen in de Islam
Nederlands/Dutch
|
16 Januari 2011 | 23:14:51
Het is bewezen de vrouwen vele taken aankunnen die mannen doen, en soms zelfs nog beter.
Dus waarom zouden we in in deze situaties de vrouw minderwaardig aan de man beschouwen?
Volgens de Islam, zijn vrouwen niet minderwaardig aan mannen. Allah heeft hen beiden geschapen, en zij zijn gelijk in de ogen van Allah.
Wanneer zij gelijk zijn in de ogen van Allah, hoe kunnen zij dan minderwaardig zijn in de maatschappij of in de ogen van mannen?
Allah zegt in de Koran:
‘O mensen, Wij hebben jullie uit een man en een vrouw geschapen en Wij hebben jullie tot volkeren en stammen gemaakt opdat jullie elkaar zouden kennen. De voortreffelijkste van jullie is bij God de godvrezendste. God is wetend en welingelicht’.
(Al-Hoedjoeraat 49:13).
Volgens de islam vullen mannen en vrouwen elkaar aan. Zij zijn gelijkwaardige leden van de maatschappij en zij hebben beide hun plichten en verantwoordelijkheden. Er zijn wat verschillen tussen de rol die de man en de vrouw hebben in de maatschappij, maar deze verschillen maken het ene geslacht niet superieur en het ander minderwaardig. De gedachte van superieurheid en minderwaardigheid komt vanuit sommige van onze niet-islamitische culturen, maar het maakt zeer zeker geen deel uit van de islam.
Sommige mensen misinterpreteren het vers uit de Koran, Soerat An-Nisaa 4:34
‘De mannen zijn zaakwaarnemers voor de vrouwen, omdat God de een boven de ander heeft bevoorrecht…’
Deze Aya gaat niet over de absolute meerwaardigheid van alle mannen boven alle vrouwen.
Het spreekt alleen over de gezinssituatie, waar de echtgenoot de verantwoordelijkheid heeft om voor zijn vrouw en kinderen te zorgen. Het zegt niet dat alle mannen zaakwaarnemer zijn voor alle vrouwen.
Ten tweede gaat deze Aya gaat niet over de spirituele, morele of intellectuele meerwaardigheid van de echtgenoot over zijn vrouw.
Het spreekt over zijn lichamelijke kracht en bekwaamheid, vanuit welke hij zijn gezin moet beschermen en de kostwinner moet zijn voor zijn vrouw en kinderen.
 |
Islamitische cultuur: de verborgen bijdrage
Nederlands/Dutch
|
16 Januari 2011 | 23:14:00
‘En Hij heeft jullie alles wat zich van Hem in de hemelen en op aarde bevindt ter beschikking gesteld.
Voorwaar, dat zijn toch duidelijke tekenen voor degenen die nadenken.’
de heilige Koran, 45:13
Inleiding
De meeste West-Europese intellectuelen hebben erg veel moeite (gehad) met de bedenking dat de islamitische cultuur misschien wel eens meer heeft bijgedragen aan de ontwikkelingen in Europa dan men wil aannemen. De Islaam heeft met name de weg vrijgemaakt voor de Renaissance in Europa en hoewel de islamitische wereld in onze tijd altijd beschouwd wordt als een op zichzelf staand iets, iets "Oosters" en dus apart van Europa, het "Westen", was dat nog niet zo lang geleden heel anders. Westerse historici hebben op verschillende vlakken zoals kunst en wetenschappen en met name op het gebied van de geneeskunde de islamitische bijdragen ontkend. In het meest gunstige geval vertellen ze dat de moslims de Griekse traditie van de leergierigheid levend hebben gehouden en dat vervolgens hebben overgedragen aan Europa. De realiteit laat echter zien dat de moslims veel meer gedaan hebben dan alleen maar teksten uit het Grieks vertalen: moslimintellectuelen hielden zich bezig met kritische analyses, correcties en substantiële aanvullingen en uitbreidingen van de Griekse wetenschappen en filosofie. Europa is de islamitische beschavingen heel wat verschuldigd op het gebied van wetenschappen en met name als het gaat om de wetenschappelijke houding van "meten is weten" die door de moslims ontwikkeld werd. De Grieken waren met name bezig met systematiseren, generaliseren en theoretiseren, terwijl de moslims nieuwe methoden ontwikkelden die gebruikt werden voor onderzoek, experimenten, waarnemingen en nieuwe ontwikkelingen. Dat alles vormt de basis van de wetenschappelijke methodieken zoals die vandaag de dag nog steeds worden gebruikt.
Hoe kunnen we dit aantonen en waarom zijn we ons er in Europa zo weinig van bewust? Heeft u dit ooit op school geleerd? Montgomery Watt, een toonaangevende oriëntalist, heeft ooit gezegd :"Het succes van de Islaam was en is een doorn in het oog van Europa dat daarom alles in werking heeft gesteld om het te verbergen. Europa heeft alles in het werk gesteld om zijn afhankelijkheid van de Griekse en Romeinse erfenissen te onderstrepen."
Waarom is Europa zo druk bezig (geweest) om de Islaam weg te moffelen en de invloed ervan uit te wissen of te ontkennen? Het antwoord zou te maken kunnen hebben met het feit dat Europa heel erg actief is geweest met aantonen dat de moslims barbaars en achterlijk zijn en dan zou het natuurlijk schaamtevol zijn om dan vervolgens toe te moeten geven dat we zelf zo geciviliseerd en gehumaniseerd geworden zijn als gevolg van de verworvenheden van diezelfde moslims ... Een vooraanstaande geleerde van de Harvard Universiteit, George Sarton, heeft diepgaand onderzoek gedaan naar de wortels van de intellectuele ontwikkelingen in Europa en heeft daarbij onomstotelijk bewezen dat die teruggaan op de Arabische tradities. Hij bekritiseerde daarbij degenen die beweren dat de Arabieren niets anders zouden zijn dan ijverige na-apers en dat zo'n uitspraak erger was dan een leugen. Hij schreef onder andere:"De waardevolste, meest originele en meest invloedrijke boekwerken die we vandaag hebben zijn in het Arabisch geschreven. Vanaf het midden van de 8ste eeuw tot het einde van de 11de eeuw was Arabisch de wetenschappelijke taal, de taal waarin de voortgang van de mensheid werd vastgelegd. In die tijd studeerde iedereen die op de hoogte wilde blijven en goed geïnformeerd wilde zijn de Arabische taal."
De christelijke beschaving was in wezen Europees, terwijl de islamitische daarentegen Europees, Aziatisch en Afrikaans was en dus de eerste universele beschaving. De manier waarop men vanuit de islamitische wereld naar Europa keek kan men tot in de fijnste details lezen in oude manuscripten en dagboeken die tot op de dag van vandaag bewaard zijn gebleven. Europa werd beschreven als een ver verwijderde en onontdekte wildernis, bevolkt door wilde stammen met smerige, nare gewoonten met een laag cultureel niveau die weinig of niets waardevols te bieden hadden. In de Middeleeuwen was Europa gewoon een stuk minder goed ontwikkeld dan de islamitische wereld en ook op het gebied van morele en materiële welvaart stond het nergens. De periode gedurende de welke Europa afgesneden was van alle vormen van kennis en ontwikkeling staat bekend als de "donkere tijden". Terwijl Europa was ondergedompeld in een pikzwarte duisternis van onwetendheid brandde de felle fakkel van kennis vergaren in de islamitische wereld dankzij de inspanningen van de toenmalige geleerden.
Vanwaar het streven naar kennis?
Wat was de reden dat de Islaam uitgroeide tot een wereldcivilisatie? Centraal hierin staat het verlangen naar meer inzicht in de wereld die geschapen is door God (Allah). In de Islaam gingen wetenschap en religie geen aparte wegen: juist integendeel! De Islaam was juist de oorzaak van de wetenschappelijke ontwikkelingen. In de Qur'aan (Koran) lazen de moslims dat ze moesten blijven nadenken en onderzoeken en niet zo maar door het leven gaan alsof ze doof of blind waren. Wetenschap is kennis en de Islaam hecht heel veel waarde aan kennisverwerving. Reflecteren over de wereld leidt tot meer kennis van en inzicht in alles wat God geschapen heeft en dat is een vorm van aanbidding binnen de Islaam. Voor moslims blijft de leer van de Islaam niet alleen maar beperkt tot religieuze aangelegenheden, maar heeft betrekking op alle aspecten van het leven. Op die manier ontwikkelde men een drang naar onderzoek die moslims ertoe aanzette om zowel de natuur als de leefwereld van de mensen te bestuderen en te trachten te verklaren. Het concept van 'tawhied' (de eenheid van God: alleen Hij is het waard om aanbeden te worden) heeft mensen aan het denken gezet en hen het besef gebracht dat "de Grote Waarheid" wordt genoemd. Het wezen van 'tawhied' maakt niet alleen duidelijk wat de positie van de mens in het grote geheel van de Schepping is, maar geeft bovendien aan wat de essentie van de relatie is met zijn collega-wezens hier op aarde, het Universum en zijn Schepper.
Om wat voor bijdragen gaat het nu eigenlijk?
De moslims waren het meest succesvol op het gebied van wiskunde, astronomie, geografie, mechanica, optica, scheikunde, farmacie en geneeskunde. Op het gebied van botanica en mineralogie hebben ze hun voorgangers ver overstegen als het gaat om nieuwe en belangrijke ontdekkingen. Het ging vooral om het streven naar vergaren van kennis want dat is naar het voorbeeld van de Profeet, vzmh. De Islaam is niet bedoeld voor een kudde onwetende volgelingen, maar voor mensen die nadenken.
Onderwijs
De kaliefen trokken wetenschappers, dichters, artsen en filosofen aan die door iedereen gesteund werden. Een andere geloofsovertuiging vormde geen probleem. Het leerproces werd gestimuleerd en ontwikkelde zich. De moskeeën deden in eerste instantie dienst als scholen voor de gemeenschap. Toen de vraag naar nog meer kennis alsmaar toenam werd de zogenaamde "medressa" opgericht (college). Daarnaast kwam er ook de "jaamiya", de universiteit. De oudste universiteit ter wereld is de Al-Azhar in Cairo, Egypte, en daarna komt de Qarawiyyine Universiteit in Fez, Marokko. De islamitische wijze van lesgeven werd op den duur nagebootst door de Europeanen en het is dan ook niet verwonderlijk dat er qua terminologie vele overeenkomsten zijn: het begrip "zetel" komt van het Arabische "kursi" (letterlijk: stoel) waarop de docent zat tijdens het lesgeven. Het uit het Latijn afkomstige woord "doctoraat" komt van "licentia docendi": de toestemming om les te mogen geven en dit bestond reeds lang in de islamitische wereld. Het was een rechtstreekse vertaling van het Arabische "ljazat at-tadris". De toestemming om les te mogen geven werd verleend door een geleerde ('alim) die zelf bij een andere geleerde had gestudeerd nadat hij een probleem had kunnen oplossen dat hem voorgelegd was waarbij hij zijn oplossing vervolgens moest verdedigen tegenover een panel van erkende geleerden. Dit lijkt heel sterk op de hedendaagse praktijk zoals die voorkomt wanneer iemand afstudeert. De kleden die men tegenwoordig nog steeds draagt heetten "Jubba-tul-faqih" en werden gedragen wanneer een geleerde zijn diploma in ontvangst nam. Later werden er nestels bevestigd aan de hoofddeksels die men droeg zodat de nieuwe geleerde eraan herinnerd kon worden dat hij te allen tijde op het matje kon worden geroepen door God wanneer hij zijn boekje te buiten ging: op die manier zou hij angst hebben voor God tijdens het lesgeven.
Geneeskunde
Voor het gebed doet iedere moslim woedoe' oftewel lichamelijke en geestelijke reiniging. Dit ritueel vormde samen met andere hygiëneregels de basis voor de reputatie die de moslims hadden als één van de meest schone volkeren op deze aarde. George Bernard Shaw sprak vol lof over het onderwijs op medisch vlak van de moslims in hun streven naar een gezonde samenleving. Hij merkte op dat toen de Britten het islamitische gedeelte van Hawaï veroverden de plaatselijke bevolking gedwongen werd het Christendom te accepteren en dat er kort daarna, als gevolg hiervan, allerlei ziektes uitbraken.
Moslimgeleerden hebben geweldige ontdekkingen gedaan op medisch gebied en op de volgende vlakken: anatomie, fysiologie, bacteriologie, diagnose en behandeling, chirurgie, enz. Eén van de grootste moslimartsen was Abu Bakr Bin Zakariya Rhazes. De islamitische encyclopedie vermeldt hij tot diep in de 17de eeuw de absolute autoriteit op het gebied van de geneeskunde was. In een rapport van de Wereldgezondheidsorganisatie uit mei 1970 staat dat zijn essays over pokken en mazelen zeer origineel en accuraat zijn en dat zijn essay over besmettelijke ziekten het eerste in zijn soort was. Hij was geboren in 864 AD en heeft een enorm boekwerk geschreven, "Al-Hawi", bestaande uit 20 delen, dat later in 1279 in het Latijn vertaald is en herhaaldelijk herdrukt vanaf 1488. Zijn invloed op de Europese geneeskunde is dus aanzienlijk. Ibn Sina (Latijn: Avicenna), geboren in 980 AD, schreef "Al-Qanun" dat uit meer dan een miljoen woorden bestond. Dit werk is eveneens in het Latijn vertaald in de 12de eeuw en werd één van de meest invloedrijke boeken in het middeleeuwse Europa tot ver in de 17de eeuw. Hij heeft als eerste meningitis beschreven en zijn verhandelingen over mineralogie vormden de voornaamste bron voor de christelijke encyclopedisten van de 15de eeuw. Yaqub Ibn Ishaq Al Kindi (ook wel: Al Kindus), geboren in 800 AD, was de eerste arts die systematisch de doses voor diverse medicijnen wist te bepalen. Zijn invloed op de filosofie, de wiskunde, de geografie ende fysiologie duurde zeven eeuwen. Al Haythem (Al Hazen), geboren in 1035 AD, heeft een belangrijke bijdrage aan de oftalmologie geleverd. Hij onderkende de rol die de retina speelt bij het zicht van de mens en in zijn boek "Optica" behandelt hij het verschijnsel licht en de diverse kleuren. Zijn werk heeft wetenschappers als Roger Bacon en later Leonardo da Vinci en Kepler beïnvloed. Ibn Al Nafis, geboren in 1289, beschrijft de bloedstroom ruim 300 jaar voor William Harvey die erover schreef in 1628. Al Baitar, geboren in 1248, was een expert op het gebied van diergeneeskunde en zijn wetenschap werd naar hem vernoemd: al baitarah, een woord dat verbasterd is tot "veterinair".
Ziekenhuizen
De moslims hebben verschillende ziekenhuizen gebouwd waarvan het vroegste voorbeeld teruggevonden is in 707 AD in Damascus, Syrië. Deze ziekenhuizen waren niet alleen opgesplitst in verschillende afdelingen, zoals nu, maar ze waren tevens voorzien van hun eigen tuinen waarin kruiden en andere medicinale planten gecultiveerd werden. Rom Lander beweert dat "we er al reden toe hebben om aan te nemen dat Europa tijdens de kruistochten tegen de moslims eindelijk hun eigen ziekenhuizen begonnen te bouwen naar het Arabische voorbeeld dat ze tijdens de kruistochten tegenkwamen. Het eerste ziekenhuis in Parijs, "Les Quinze Vingt", was gebouwd door Louis IX nadat hij teruggekeerd was van de kruistochten (1254-1260)."
Scheikunde
De Grieken waren gefascineerd door scheikunde, maar de Arabische moslims waren zowat de enigen die veel aandacht schonken aan de ontwikkeling van de alchemie als wetenschap. Zij deden vooruitstrevende ontdekkingen en vonden chemicaliën uit die ook voor andere wetenschappen van belang waren zoals de mineralogie, de botanica, de bouwkunde, enz. De interesse in deze wetenschap was zodanig groot dat hij een onderdeel vormde van alle hogere studies. Jabir Ibn Haiyan (Geber) staat bekend as de vader van de chemie. De naam chemie is afgeleid van het Arabische Al-Kimya. Hij was arts in Kufa omstreeks 776 AD. Een groot deel van zijn publicaties bleef gedurende 7 eeuwen zeer populair en ze werden allemaal vertaald in het Latijn. Hij heeft de ontwikkeling van de chemie in belangrijke mate gestuurd. Verschillende termen werden door Jabir geïntroduceerd: alkalie, suiker, syroop, elixir,alcohol, cinebar en alembic, bijvoorbeeld. De bereiding van zwavelzuur was één van zijn meest belangrijke ontdekkingen; dit zuur is momenteel één van de meest gebruikte zuren in de moderne industrie.
Astronomie
De bestudering van de maan heeft heel wat gedetailleerde kaarten opgeleverd waarbij verscheidene opvallende elementen van de maan namen van belangrijke wetenschappers hebben gekregen. 13 van die namen zijn de namen van bekende moslimgeleerden: Masha'Allaah (Messala), Al Mamun (Al Manon), Al Farghaani (Alfraganus), Al Battani (Al Bategnius), Al Sufi (Azophi), Al Hassan Al Haytham (Alhazen), Al Zarqali (Arzachel), Al Bitruji (Alpetragius) en Abu Al Fida' (Abulfeda). Het interessante is dat Al Battani, geboren in 858 AD, een zeer nauwkeurige berekening van het zonnejaar maakte als zijnde 365 dagen, 5 uren, 46 minuten en 24 seconden en dat getal ligt zeer dicht bij de tegenwoordige berekeningen. Een andere ontdekking van hem is het gebruik van de trigonometrische verhoudingen zoals we die nu kennen. Hij ontdekte ook de sinus.
Wiskunde
De eerste die wiskundige getallen systematisch bestudeerd heeft was Muhammad Bin Musa Al Khawarizimi (Algorizam). Hij introduceerde het wiskundige concept "algoritme", genoemd naar zijn laatste naam. Hij was één van de grootste mathematici die ooit geleefd heeft. Hij word erkend als de grondlegger van de algebra, deze naam is afgeleid van de titel van zijn bekendste boek "Al Jabbr Wa Al Muqabilah". Via dit werk werd het Arabische getallensysteem in Europa geïntroduceerd. Zijn boek Al Jabbr (algebra), was het toonaangevende werk dat aan de Europese universiteiten gebruikt werd tot ver in de 16de eeuw.
Scholastiek en literatuur
Abu Hamid Al Ghazali (Algazel) was een zeer productieve schrijver. Met zijn theologische doctrines beïnvloedde hij Europa in sterke mate, dit geldt zowel voor het Jodendom als het Christendom. Thomas van Aquino heeft heel wat elementen overgenomen van hem. Hij is gestorven in 1111 AD. Ibn Rushd (Avarroës), geboren in 1128 AD, wordt beschouwd als één van de grootste denkers en wetenschappers in het Europa van de 12de eeuw (islamitisch Spanje). Hij is bekend geworden als de grote commentator van de filosofie van Aristoteles. Op deze wijze heeft hij het westerse gedachtegoed van de 12de tot de 16de eeuw sterk beïnvloed. Thomas van Aquino was de eerste leerling van de grote commentator, Ibn Rushd, en er bestaat geen enkele twijfel dat Ibn Rushd veel invloed heeft gehad op de denkwijze van één van de grootste katholieke theologen, namelijk Thomas van Aquino. Men kan vaak lezen dat Ibn Rushd eigenlijk meer het Europese gedachtegoed aanhangt dan het Oosterse. Dankzij zijn commentaren heeft het Westen Aristoteles leren kennen en zijn invloed op de filosofie is dan ook aanzienlijk.
Geschiedenis
De moslims hebben de geschiedenis een wetenschappelijke precisie gegeven. Dit betekende een belangrijke stap in de richting van historische kennis. Ibn Khaldun trachtte een antwoord te vinden op de meest prangende vragen van de menselijke geest, bijvoorbeeld over de strijd van de mens in zijn aardse bestaan en de verschillende motieven achter bepaalde daden. Wat zijn de beperkingen van het menselijk intellect? Hij nam een resoluut afscheid van de speculatieve manier van redeneren zoals de Grieken en de Christenen die kenden. Het is dus niet vreemd om te stellen dat het moderne Europese humanisme in de vorm van moderne wetenschap en filosofie in verschillende opzichten eigenlijk een voortzetting is van de toenmalige islamitische cultuur.
Ik kan in dit korte bestek geen volledig relaas geven van alle contributies en uitvindingen die van oorsprong islamitisch zijn. U kunt zich allicht voorstellen dat moslims nog op vele andere manieren een bijdrage hebben geleverd aan het mondiale culturele erfgoed. Denk maar aan: mechanica (hydraulica, windmolens, irrigatiesystemen, zoals terug te vinden in Andalusië), schilderkunst, architectuur, sport, enz. Zie bijgevoegde bibliografie indien u meer wilt weten.
Hoe is kennis vanuit de islamitische wereld in Europa terechtgekomen?
Omstreeks de 10de eeuw onderkende men in Europa de intellectuele superioriteit van de islamitische beschaving. Reeds in de 11de eeuw werd Toledo in het huidige Spanje een centrum van waaruit de Arabische cultuur en wetenschappen Europa binnenkwamen. Alle Arabische werken werden in het Latijn vertaald en heel veel namen werden gelatiniseerd. Via islamitisch Spanje drong dus de Arabische kennis en cultuur door in de rest van Europa dat op dat moment onderontwikkeld was. Adelard of Bath was één van de vele scholastici uit Engeland die de wereld afreisde op zoek naar Arabische wetenschappelijke boeken. Verschillende Europese oriëntalisten zoals Mirabilis waren zo onder de indruk van de islamitische landen dat ze hun Europese studenten aanspoorden om weg te trekken uit Europa om in een islamitisch land onderwijs te gaan genieten. Middeleeuwse scholastici die onder invloed hebben gestaan van de Islaam zijn: Adelard of Bath, Peter Adelard, Robert Grossetteste, Alexander of Hales, Albertus Magnus, St. Bonaventura, Duns Scotas, Roger Bacon, Marsilius of Padua, Richrad of Middleton, Henry of Grant, William of Auvergne, Dante Algheri en nog vele anderen.
Conclusie
Deze uiteenzetting geeft slechts een zeer summier beeld van de bijdragen van de moslims aan het mondiale culturele erfgoed. Evengoed zal het duidelijk zijn, hoop ik, dat de moslims een substantiële invloed hebben gehad op allerlei aspecten van de globale cultuur en dat ze in het bijzonder bijgedragen hebben aan de stand van kennis en welvaart zoals die nu in Europa bestaat. De moslims worden wereldwijd gezien als de dragers van de toorts van cultuur en beschaving. Het kan makkelijk aangetoond worden dat er zeer veel kennis via Spanje in Europa is terechtgekomen en de invloed van de Arabische taal en cultuur op bijvoorbeeld het Nederlands is nog steeds zeer goed merkbaar. Een paar voorbeelden: algebra (al Jabbr), zenith, nadir, elixir, alcohol, alchemie, alkalisch, aorta (van "avarta"), admiraal, tarief, safraan, cijfer (van sifr), azimuth, suiker, enz., enz.
De vooroordelen van het Westen hebben er niet alleen voor gezorgd dat de bijdragen van de moslims ontkend worden, maar heeft ook een anti-islamitische hetze ontketend die geleid heeft tot het verbasteren van namen om hun Arabische herkomst te verdoezelen. In de tekst kunt u diverse voorbeelden terugvinden. Hier volgen er nog een paar: Ibn Bajah (Avempace), Abul Hassan (Alboacen), Ibn Haysham (Alhazen), enz. Wordt het geen tijd dat de originele werken van de genoemde Arabische auteurs opnieuw bestudeerd worden omdat ze een aanzienlijke contributie hebben geleverd aan de ontwikkeling van Europa tot wat het nu is?
Vertaald uit het Engels door broeder Muhammad-Taariq.
Oorspronkelijke titel: Islamic Civilisation: The Hidden Contribution by Aftab Malik
Literatuurlijst:
Arnold, Sir Thomas, and Guilaume, Alfred [Ed], The Legacy of Islam, Oxford University Press, 1960
Beckingham, C.F., Misconceptions of Islam: Medieval and Modern, Journal of Royal Society of Arts, September 1976
Briffault, Robert., The Making of humanity, [Lon] 1938
Browne, E G., Arabian Medicine, [Cambridge] 1921
Draper, John William., The Intellectual Development of Europe,[Lon] Vol. I, 1875
Farsi, Nabih [Editor] The Arab Heritage, Russell & Russell, Inc., [New York] 1963
Hitti. P K., History of the Arabs,[Lon], Macmillan, 1956
Jairazbhoy, R A., The Civilisation of Islam, [Pakistan], Ferozsons Ltd, 1996
Landau, Rom., Islam and The Arabs, [Lon] 1958
Makdisi, George., The Rise Of Humanism In Classical Islam & The Christian West,[Edinburgh] 1991
Menocal, Maria Rosa, The Arabic Role In Medieval Literary History: A Forgotten Heritage, University of Penn. Press [Philadelphia] 1987
Nasr, S H., An Introduction to Islamic Cosmological Doctrine, Harvard Uni. Press, Cambridge [Mass] 1964
Nasr, S H., Science & Civilisation In Islam, ITS [Cambridge], 1987
Said, Edward, Orientalism,: Vintage Books, [New York] 1978
Sarton, George., A Guide to the History of Science, [Massachetus] 1952
Shaw, Sir George Bernard., The Genuine Islam, Vol. I, No. 8 1936
Stiefel, Tina., The Intellectual Revolution in Twentieth Century Europe, St. Martin’s Press [New York] 1989
The British Astronomical Association., Who’s Who in the Moon, Vol. 34, Part I, 1938
Toynbee, Arnold, J., A Study of History, Oxford University Press, 1951
Alleen het Suikerfeest en het Offerfeest zijn officiële islamitische feestdagen, de andere zijn gedenkdagen die vaak vanuit culturele achtergronden gevierd worden.
De naam van de feestdag staat vermeld met de datum uit de islamitische kalender erachter.
Ied-al-Adha - 10 Dzu-al-hijja
Offerfeest
Al Hijra - 1 Muharam
Islamitisch nieuwjaar
Asjoera- 10 Muharam
De tiende dag
Milad an-nabil - 12 Rabi'al-Awwal
Geboortedag profeet Mohammed (vzmh)
Lailat al-Mi'raj - 27 Rajab
Hemelreis van de profeet Mohammed (vzmh)
Lailat al-Bara'at - 14 Sha'baan
Nacht van de lotbezegeling
Ramadan - 1 tot 29/30 Ramadan
Vastenmaand
Enkele van de meest gehoorde islamitische uitdrukkingen zijn:
-
• Bismillahir rahmanir rahiem = In naam van Allah, de Barmhartige, de Genadevolle.
Deze zin wordt bijna overal voor gebruikt:
lezen van de Koran, voor het slapen gaan, het eten, naar buiten gaan, enz.
-
• Al hamdoe lillah = Alle lof en dank is voor Allah.
Dit zegt men i.p.v.: "Te gek!"; "Goed zo"; "Wat fijn"; "Gefeliciteerd".. "Al hamdoe lillah" zegt men o.a. wanneer men een complimentje krijgt of geeft en i.p.v. te applaudisseren!
Men moet zich voor alle handelingen tot Allah wenden, en geen enkel goed werk aan zichzelf toeschrijven.
Het is achteloos genoeg om een beloning te vragen voor een handeling die je niet verricht hebt.
Allah is immers de Schepper van jou en je acties.
Tevens zegt men dit als anderen bepaalde lichamelijke ‘gebreken' van je benadrukken.
Niemand vindt het leuk om tot vervelends toe op die manier onder de aandacht gebracht te worden.
Op opmerkingen als: "Wat ben je toch klein van stuk"; "Wat ben je toch lang" kan men reageren met:
"Al hamdoe lillah". Allah heeft ieder mens perfect geschapen.
-
• Allahoe akbar = Allah is de Allergrootste..
-
• Allahoe alim = Allah is de Alwetende, Allah weet het het best.
Dit zegt men bijv. i.p.v.: "Ik weet het niet"; of bij een discussie waar men niet uit komt; of als iemand je een vraag stelt en je wilt geen antwoord geven omdat je in verlegenheid gebracht bent of omdat het iets vertrouwelijks betreft.
En bedenkt: Mensen kunnen onbeleefde vragen stellen, maar of jij als ondervraagde dit ook wil beantwoorden, is wat anders!
"...Boven elke wetende, staat de Alwetende."
(Heilige Koran 12:76 ; Joesof)
-
• Amien = Het woord "amien" is op zichzelf een gebed wat betekent: "O Heer, beantwoord mijn gebed"..
Dit zegt men o.a. aan het einde van een doe'aa (smeekbede).
-
• 'Aoedzoe billah (ie-mie nasj sjaitaanir radjiem) = Ik zoek mijn toevlucht bij Allah (tegen Satan, de verworpene).
Dit zegt men als men verleid wordt door de Sjaitaan (de duivel).
Bijvoorbeeld :als je woede voelt opkomen; als je de neiging krijgt om te roddelen of als je slechte jaloezie voelt opkomen. We zoeken dus bescherming bij Allah tegen onze slechte eigenschappen.
-
• As-salamoe ‘aleikoem = Vrede zij met jou.
Dit is de vredesgroet die men geeft aan een moslim..
"En wanneer degenen die in Onze tekenen geloven, tot u komen, zeg dan: ‘As-salamoe ‘aleikoem' (Vrede zij met jou). (Heilige Koran 6:54; Al-An‘aam)
"Het is aanbevolen iedere geloofsgenoot te groeten, bekend of onbekend."
-
• wa ‘aleikoem salam (wa rahmatullahi wa barakatoehoe)= En met jou zij de vrede (en Allah's barmhartigheid en Zijn zegeningen)..
Dit is het antwoord op de vredesgroet van een moslim.
"En wanneer gij met een groet wordt begroet, groet dan terug met een betere groet, of geeft deze althans terug." (Heilige Koran 4:86; An-Nisa)
-
• wa ‘aleikoem = Ook zo, Voor u hetzelfde.
Dit is het antwoord op de vredesgroet van een niet-moslim.
-
• Astagfir-allah = Moge Allah het vergeven.
Dit zegt men bijv. i.p.v.: "Shit!"; "O wat stom zeg" , " Oeps!" , " O jee!"
-
• Bismillah = In naam van Allah..
Dit wordt gezegd als een moslim een bepaald werk begint, bijvoorbeeld als men samen begint te eten.
Ook zegt men "Bismillah" i.p.v. "alsjeblieft" en wanneer men gaat zitten..
-
• Barak Allah = Moge Allah je zegenen..
Als moslims, na bij iemand gegeten te hebben, het huis verlaten, of als zij zich verontschuldigen niet aan de maaltijd deel te kunnen nemen.
-
• Djazakallah = Moge Allah je belonen..
Dit zegt men bijv. i.p.v. "dankjewel". Djazakallah zegt men tegen een man/jongen..
Djazakiellah zegt men tegen een vrouw/meisje..
-
• Fi amanillah = Moge Allah je beschermen (afscheidsgroet).
Dit zegt men bijv. i.p.v.: "Pas goed op jezelf", "Wees voorzichtig".(afscheidsgroet)
-
• Fi sabilillah = Op Allah's weg, voor de zaak van Allah.
Iets doen op Allah's weg zonder er iets materieels voor terug te verwachten.
-
• Inna lillahi wa inna Ilaha radjioen = We behoren tot Allah en tot Hem zullen we terugkeren.
Dit zegt men zodra men hoort dat een moslimbroeder of -zuster overleden is.
-
• Insha Allah = Alleen als Allah het wil, met Allah's welbehagen..
"En zeg niet over iets: "Ik zal het morgen doen, zonder (erbij te zeggen): 'Insha Allah'.
-
• La Ilaha Illa Allah = Er is geen andere god dan Allah, Er is geen godheid waard aanbeden te worden dan Allah.
-
• La hawla wa la qoewwata iella billah = Er is geen macht en geen kracht buiten dat van Allah.
Dit zegt een moslim bij een gevoel van wrevel of verontwaardiging.
-
• Ma'a al salama = Ga in vrede.
Dit zegt men i.p.v. "Tot kijk". Antwoord op de afscheidsgroet: "Fi amanillah" (Moge Allah je beschermen).
-
• Marhaban = Welkom. Maak het je gemakkelijk.
-
• Saddaq Allahoe adziem = Allah's woord is waarheid.
Dit zegt men bij het beëindigen van het lezen van Al Qor'aan al Kariem (de Heilige Koran).
-
• Sjafakallah = Moge Allah je gezondheid schenken.
Dit zegt men bijv. i.p.v. "Beterschap". Sjafakallah zegt men tegen een man/jongen.
Sjafakiellah zegt men tegen een vrouw/meisje
-
• Soebhan allah = Heilig, zonder tekortkomingen is Allah.
Uitdrukking van verbazing of verwondering, bij het zien van iets ongewoons.
-
• Qadr Allah = het lot van Allah, het heeft zo moeten zijn.
(Al-Qadr = voorbestemming).
Aboe Hoeraira (ra) vertelde dat Allah's boodschapper zei: "...als iets (in de vorm van problemen) je overkomt, zeg dan niet: "Als ik dat niet had gedaan, was dat en dat niet gebeurd', maar zeg: " Qadr Allah " (Allah deed wat hij had bepaald om te doen)... (Gedeelte van een hadith = overlevering)
De Hadj is de jaarlijkse bedevaart naar Mekka, die iedere volwassen moslim die daartoe de middelen heeft ten minste eens in zijn leven moet verrichten.
De Hadj vindt altijd plaats in het begin van de twaalfde maand van de moslimkalender.
De Hadj brengt hem naar de plaats waar Mohammed de islam heeft gepredikt.
Mohammed's 'afscheidsbedevaart' in zijn sterfjaar werd het voorbeeld voor het huidige hadj-ritueel.
De relatie met de persoon van Mohammed is voor de moslim een belangrijk aspect van de Hadj.
Dit blijkt ondermeer uit het bezoek dat veel pelgrims na afloop brengen aan Mohammed's graf in Medina.
Het hadj-ritueel begint met het aannemen van de ihraam, de gewijde staat van de pelgrim.
Dit is verplicht zodra men het heilige gebied rond Mekka betreedt.
De pelgrims, die tegenwoordig meestal per vliegtuig arriveren, plegen de ihraam bij aankomst vanaf de vliegtuigtrap aan te nemen.
Voor de mannen houdt dat in dat zij gekleed gaan in twee witte ongenaaide doeken, waarvan de ene om de linkerschouder wordt geslagen en de andere om de lendenen.
Voor de vrouw geldt slechts dat haar handen en haar gezicht onbedekt moeten blijven.
Tijdens de ihraam moet de moehrim (of moehrima, hij of zij die in gewijde staat verkeert) zich van seksueel verkeer onthouden.
Verder is het scheren en knippen van haar en nagels en ook het kammen niet toegestaan.
Onmiddellijk na aankomst in Mekka wordt een bezoek aan de Ka'bah gebracht, waaromheen het plein van de grote moskee ligt.
Beginnend bij de zwarte steen die in de oosthoek van de Ka'bah is ingemetseld en die de pelgrim zo mogelijk kust of aanraakt gaat hij rechtsom en maakt vervolgens tegen de wijzers van de klok in een zevenvoudige omgang rond de Ka'bah.
Daarna verricht hij de loop tussen de met de grote moskee verbonden heilige plaatsen Safa en Marwa, eveneens zevenmaal.
Dit gebeurt ter herinnering aan Hagar, die hier radeloos rondliep met haar zoontje Ismaël op zoek naar water en dit uiteindelijk vond in de bron Zamzam.
Nadat de pelgrims een preek van de Qadi of rechter van Mekka hebben bijgewoond, begeven zij zich naar de dertig kilometer ten oosten van Mekka gelegen vlakte van Arafat, de berg waar aan Mohammed de koran werd geopenbaard.
Daar brengen zij in tenten de nacht door.
Daarna begeeft men zich in een massale wedloop in westelijke richting naar Moezdalifa, waar men de nacht doorbrengt, opnieuw gevolgd door een wedren, nu naar Mina, op acht kilometer ten oosten van Mekka, waar men rond zonsopgang moet aankomen.
Hier gooit iedere pelgrim zeven steentjes op een steenhoop.
Dit wordt gezien als navolging van Abraham, die hier de satan zou hebben verdreven toen deze hem wilde verleiden zijn zoon niet te offeren.
Hierna, op de tiende dag van de pelgrimage naar Mekka, vindt het offeren plaats van een schaap of ander vee.
Dit offer is niet verplicht. Het vlees is grotendeels voor de armen bestemd.
Nadat men zich vervolgens het hoofd heeft laten scheren (bij vrouwen wordt slechts symbolisch een lok afgeknipt) is de Hadj ten einde.
De waarde die aan de Hadj wordt gehecht is groot.
Hij die in een afgelegen dorp als enige de Hadj heeft verricht, geldt voortaan als een autoriteit op het gebied van het geloof.
Vooral vroeger was de reis naar Mekka op zichzelf al een prestatie door de ontberingen en gevaren die ermee verbonden waren.
Al is reizen tegenwoordig gemakkelijker geworden, het verblijf in Mekka met een à twee miljoen pelgrims tegelijk is nog steeds geen onverdeeld genoegen, vooral als het heet is.
Ondanks de massale deelname is zo'n 98% van de moslims buiten Arabië door de relatief hoge kosten die eraan verbonden zijn, nooit in de gelegenheid de Hadj te verrichten.
Voor de moslims die thuisblijven, is de eigenlijke feestdag het offerfeest, ook wel 'het grote feest (ied al-adha)' genoemd.
Op deze dag vindt na zonsopgang in de moskee een feestgebed plaats.
Daarna wordt in ieder gezin zo mogelijk een schaap geslacht.
Van het vlees geeft men een deel weg aan de armen.
De Heilige Koran, het Heilige Boek van de Islam, is door God aan Profeet Mohammed (Vrede zij met hem) geopenbaard gedurende een tijdsbestek van 23 jaar.
Telkens wanneer een gedeelte van de Koran aan de Profeet werd geopenbaard, leerde hij de geopenbaarde verzen van buiten en vroeg zijn schrijvers daarna ze op te schrijven.
De Koran werd reeds tijdens het leven van de Profeet opgeschreven.
Hij werd voortdurend gereciteerd en door duizenden in zijn geheel van buiten geleerd.
Kort na de dood van de Profeet, werden vele kopieën van de Koran gemaakt en naar verschillende landen gezonden.
De Koran is thans nog steeds zoals hij was in de tijd van de Profeet met een absoluut onveranderde tekst en bezit daarom een volledige betrouwbaarheid.
Sommige godsdienstgeleerden zijn van mening dat de Heilige Koran niet mag worden vertaald, in welke taal dan ook, maar deze houding is totaal verkeerd, want dit heilige geschrift is bedoeld voor de gehele mensheid en voor alle tijden.
Door de complexheid van het vertalen van de verzen vanuit het Arabisch naar een andere taal kan er geen letterlijke vertaling worden gemaakt en zal men dus nooit een 'vertaling' van de Koran vinden maar een 'verklaring'.
De Heilige Koran beschouwt zich als een vermaning voor alle volkeren.
De Profeet Mohammed (vrede zij met hem) wordt in de Heilige Koran een waarschuwer voor alle volkeren genoemd en geen waarschuwing kan aan een volk worden gegeven, behalve in de eigen taal.
Daarom is het noodzakelijk de Heilige Koran in verschillende talen te verklaren.
De heilige Koran is als laatste boek van Allah aan de mensheid geschonken als leidraad voor alle mensen op aarde om hen te leiden op de juiste weg (islam).
Geschiedenis van het offerfeest
De dromen van de profeten worden gezien als openbaringen.
De profeet Ibrahim (vzmh) kreeg in een droom de openbaring van God dat hij zijn liefde en trouw aan hem moest bewijzen door datgene op te offeren wat hem het liefste op aarde was: zijn zoon Ismaël.
Hij vertelde dit tegen zijn zoon, zoals we kunnen lezen in de Koran:
Koran 37:102 As-saaffaat
Toen die zover was dat hij met hem mee kon gaan zei hij: ‘Mijn zoon, ik heb in de slaap gezien dat ik je zal offeren. Zie eens wat jij ervan vindt¨. Hij zei: ¨Mijn vader, doe wat je bevolen is. Je zult merken dat ik, als God het wil, iemand ben die gelukkig volhard’.
Dit was een grote beproeving voor Ibrahim (vzmh).
Hij had de opdracht gekregen om zijn enige zoon te offeren.
Een kind dat door God aan hem geschonken was en dat nu de leeftijd had bereikt waarin hij zijn oude vader kon helpen in zijn taken en missies.
Tegelijkertijd was het een grote beproeving voor zijn zoon.
Om deze opdracht te gehoorzamen en zijn leven te offeren was geen eenvoudig iets.
Beiden volharden in hun geloof en gingen op weg naar Mina om de opdracht van God uit te voeren.
Toen ze in Mina aankwamen zette Ibrahim (vzmh) een mes op de keel van zijn zoon en gebruikte al zijn kracht om de opdracht van God uit te voeren.
Maar de Kracht van God kwam tussenbeide en haalde de functie van het mes weg en een boodschap kwam vanuit de hemel:
Koran 37:103-107 As-saaffaat
Toen zij zich beiden (aan God´s wil) overgegeven hadden en hij hem op zijn voorhoofd had neergelegd, riepen Wij hem: ‘Ibrahiem! Jij hebt de droom doen uitkomen. Zo belonen Wij hen die goed doen. Dit was duidelijk een beproeving. En Wij gaven voor hem een geweldig offer in de plaats’.
Met deze boodschap kwam er een ram (mannelijk schaap) mee vanuit de hemel, die de plaats van Ismaël moest innemen en geslacht zou worden.
God accepteerde de oprechte daad van zijn boodschapper Ibrahim (vzmh) en maakte het een plicht voor alle pelgrims en moslims in het algemeen om een dier te offeren.
Het is aangegeven in een hadith van de profeet Mohammed (vzmh) waarin Annum, één van de metgezellen van de profeet aan de profeet Mohammed (vzmh) vraagt: ‘O, profeet van God, waar komt dit gebruik vandaan?’ Hij antwoordde: ‘Het is de soennah van jouw voorvader Ibrahim (vzmh) en een herdenking aan zijn eer’.
Wanneer is het offerfeest?
In de twaalfde moslimmaand is de Hadj, de bedevaart naar Mekka.
De pelgrims voeren een tocht langs heilige plekken die worden geassocieerd met de profeten Ibrahim (vzmh) en Mohammed (vzmh).
Op de tiende dag van de bedevaart offert de pelgrim een dier.
Moslims die niet op bedevaart zijn slachten ook een dier ter herdenking aan de profeet Ibrahim (vzmh)
Overal in de wereld slachten moslims op deze dag een offerdier.
Een derde van het vlees is voor de armen, een derde voor familieleden en vrienden, en een derde voor jezelf.
Samen met het suikerfeest na de ramadan is het offerfeest het belangrijkste feest van de Islam. Het duurt drie dagen.
De naam voor het offerfeest in het arabisch is: Ied Al-Adha
Offerdieren
Welke dieren mogen er gebruikt worden op het offerfeest?
De volgende dieren mogen geofferd worden:
Geiten: minstens 1 jaar oud, mannelijk of vrouwelijk
Schapen: minstens 6 maanden oud, mannelijk of vrouwelijk
Koeien, ossen of buffels: minstens 2 jaar oud
Kamelen: minstens 5 jaar oud, mannelijk of vrouwelijk
Het offeren van een geit of schaap is voldoende voor één persoon.
Voor alle andere dieren, koe, os, buffel, of kameel staat het offer gelijk aan 7 offers, waardoor 7 personen gezamenlijk zo een dier kunnen offeren.
Wanneer een verkoper van een dier verklaard dat het dier de leeftijd heeft bereikt waarop het geofferd mag worden, en er zijn geen duidelijke aanwijzingen dat dit niet zo zou zijn, mag men uitgaan van de betrouwbaarheid van zijn verklaring en het dier offeren.
Alternatief voor het offerdier
Sommige mensen denken dat ze in plaats van een dier te offeren, geld kunnen geven aan arme mensen uit liefdadigheid. Dit is niet juist.
Er zijn verschillende verplichte vormen van aanbidding voor moslims.
Elk van hen heeft een eigen belangrijkheid en geen van hen kan de ander vervangen.
Het is niet toegestaan voor een moslim om de salaat (het gebed) te verrichten ter vervanging van het vasten in de Ramadan.
Zo is het ook niet toegestaan om liefdadigheid te geven ter vervanging van het verrichten van het gebed.
Hetzelfde geld voor het offeren van een dier: Het brengen van het offer is een onafhankelijke vorm van aanbidding en kan niet vervangen worden door een andere vorm van aanbidding zoals het geven van liefdadigheid.
Echter wanneer iemand door dringende redenen niet kon offeren in de drie voorgeschreven dagen (10e, 11e of 12e van de maand Zulhijjah), kan hij in dat geval de prijs van een offerdier als sadaqah geven aan een persoon die recht heeft om zakaat (armenbelasting) te ontvangen.
Tijdens de duur van de dagen dat er geofferd wordt kan er geen vrijstelling van deze verplichting gekregen worden.
De islamitische kalender
Ramadan is de negende maand van het islamitische jaar.
De loop van het jaar wordt bepaald door de stand van de maan.
Elke maand begint bij de nieuwe maan.
Dit is vastgelegd in de koran, waarin staat dat de zon en de maan door Allah geschapen zijn en dat de maan de tijd aangeeft.
Een islamitisch jaar telt twaalf maan-maanden die uit 29 of 30 dagen bestaan.
In totaal zijn er 354 dagen, waardoor het jaar verschuift in vergelijking met ons kalenderjaar, dat bepaald wordt door de stand van de zon.
De islamitische kalender begint dan ook ongeveer elf dagen vroeger dan ons zonnejaar van 365 dagen.
Daardoor begint de ramadan elk jaar op een andere datum.
Vasten tijdens de ramadan
De ramadan is een jaarlijks terugkerende vastenmaand in de islam.
Het is de maand waarin God de koran openbaarde.
De maand begint als twee moslimgeleerden de nieuwe maansikkel aan de hemel zien staan.
Tijdens de ramadan mogen moslims niet eten, drinken, roken of seksuele gemeenschap hebben zolang de zon op is.
Zowel de lichaam als de geest van de moslim moeten gedurende deze periode rein zijn.
Het vasten is niet bedoeld als boetedoening, zoals bijvoorbeeld in het christendom, maar als zuivering van de ziel.
Door samen te vasten wordt de onderlinge band versterkt.
Tevens is het vasten bedoeld om het lichaam te beheersen.
Tijdens de ramadan wordt God bedankt voor alles wat hij de mens gegeven heeft.
Voor de rijken is de ramadan een tijd waarin ze eraan herinnerd worden hoe het is om arm en hongerig te zijn.
Kinderen, zieken, oude mensen, menstruerende en zwangere vrouwen zijn vrijgesteld van het vasten.
Het suikerfeest (ied-al-Fitr)
Direct na het einde van de ramadan wordt het suikerfeest gevierd.
Dit gebeurt met verschillende families en duurt drie dagen.
Als beloning voor het vasten mag er uitbundig gegeten worden.
Vaak worden nieuwe kleren gekocht en cadeautjes gegeven.
Ook is het de bedoeling dat er geld aan de moskee en voedsel aan de armen wordt gegeven.
De vijf pilaren van de islam
Het vasten tijdens de ramadan is één van de 5 plichten van de moslim.
Die plichten worden ook wel ‘de 5 pilaren van de islam’ genoemd.
De vijf pilaren zijn:
1. de sjahadah (de geloofsbelijdenis)
Dit houdt in het getuigen dat: Er is geen god dan Allah en Mohammed is zijn dienaar en profeet.
“Ashadoe ella Ilaha Illa Allah, wa ashadoe enna Mohammeden ‘abdoehoe wa rasoeloeh”.
2. de salaat (het gebed)
Vijf keer per dag verplichte gebeden bidden met het gezicht naar Mekka.
3. de zakaat (de armenbelasting)
Aalmoezen (geld, kleding of voedsel) aan de armen geven.
4. de saum (het vasten)
Tijdens de ramadan tussen zonsopgang en -ondergang vasten.
5. de hadj (de bedevaart)
Minstens één keer in het leven een bedevaart maken naar Mekka, waar de Ka'bah ligt.
De koran
De koran is het heilige boek van de moslims.
Er staan uitspraken in die God, door tussenkomst van de engel Gabriël, heeft geopenbaard aan profeet Mohammed (vzmh).
De koran bevat dus geen verhalen of beschrijvingen, maar alleen teksten van God die als richtsnoer dienen voor het leven van een moslim.
De koran is ingedeeld in 114 hoofdstukken of soera's.
Die bestaan uit verzen waarvan de lengte erg verschilt.
De kortste soera bestaat uit drie verzen, de langste uit 286 verzen.
Wanneer is ramadan
Volgens de berekeningen valt het begin van ramadan in 2002 op 6 november.
Omdat twee moslims de maan gezien moeten hebben om de aanvang van de ramadan aan te geven kan de datum wel eens een dag verschillen (wanneer het bijvoorbeeld niet mogelijk is om de maan te zien in verband met mist).
Hetzelfde geldt overigens voor het einde van de ramadan: officieel heeft de maand 29 dagen, echter wanneer de maan niet gezien kan worden, wordt de maand ‘vol’ gemaakt tot 30 dagen.
Wat betekend Halal en Haram ?
Om het heel eenvoudig te zeggen: Wat toegestaan en verboden is in de islam.
Halal zijn alle dingen die Allah voor de mens heeft goedgekeurd.
Haram zijn alle dingen die Allah voor de mens verboden heeft.
Het gaat hierbij niet om enkel tastbare zaken maar ook om het bijv. het gedrag van mensen.
De islamitische principes waarop het Halal en het Haram gebaseerd is:
-
1. De basis is dat de dingen toegestaan zijn.
-
2. Iets wettig verklaren en iets verbieden is het alleenrecht van Allah.
-
3. Halal verbieden en Haram toestaan staat gelijk aan het plegen van Shirk.
( Shirk - het toekennen van deelgenoten of andere zaken aan Allah)
-
4. Het verbod van dingen geldt vanwege hun onzuiverheid of schadelijkheid.
-
5. Dat wat Halal is, is toereikend, terwijl dat wat Haram is, overbodig is.
-
6. Alles wat naar het Haram leidt, is zelf ook Haram.
-
7. Het is verboden om dat wat Halal is, valselijk voor te doen als Haram.
-
8. Goede bedoelingen maken hetgeen Haram is nog niet acceptabel.
-
9. Twijfelachtige zaken dienen vermeden te worden.
-
10. Het Haram is voor iedereen verboden.
-
11. Nood breekt wet.
1. De basis is dat dingen toegestaan zijn:
Het eerste principe dat door de islam ingesteld werd, is dat de dingen die Allah geschapen heeft, alsook de opbrengsten ervan voor de mens bedoeld zijn en dus ook zijn toegestaan.
Niets is Haram behalve wat door een duidelijke en expliciete nas als Haram is vastgesteld door de wetgever Allah soebhanahoe wa Ta'la.
( nas verwijst naar een Koranvers of een duidelijke authentieke en uitvoerige soennah)
Hebt gij niet gezien ,
dat Allah alles wat in de hemelen en op de aarde is in uw dienst heeft gesteld
en zijn gunsten rijkelijk aan U heeft geschonken,
zowel uiterlijk als innerlijk ?
(Koran Loekman : 20)
2. Iets wettig verklaren en iets verbieden is het alleenrecht van Allah:
Het tweede principe is dat de islam de bevoegdheid om te bepalen wat Halal en wat Haram is ingeperkt heeft.
Het heeft het uit handen van de mensen genomen, ongeacht hun religieuze of wereldse positie en heeft het uitsluitend voor de Heer der mensen gereserveerd.
Noch rabbijnen, noch priesters, koningen of sultans hebben het recht om de dienaren van Allah iets permanent te verbieden.
Uit Koranverzen en duidelijke hadiths van de profeet Mohammed (vzmh), hebben de islamitische juristen met zekerheid kunnen vaststellen dat alleen Allah soebhanahoe wa Ta'la het recht heeft om iets wettig te verklaren of te verbieden, door middel van zijn boek of door middel van de tong van zijn boodschapper Mohammed (vzmh).
De taak van de jurist gaat niet verder dan uit te leggen wat Allah tot Halal en Haram heeft verklaard.
...terwijl hij U heeft uitgelegd wat Hij U heeft verboden.
(Koran Al-An'aam : 119)
3. Halal verbieden en Haram toestaan staat gelijk aan het plegen van Shirk:
Hoewel de islam alle mensen vermaant, die op eigen gezag verklaren wat wettig en onwettig is, is zij nog strenger ten opzichte van diegenen die onjuiste verboden uitroepen, omdat het creëren van verboden moeilijkheden voor de mensen veroorzaakt, en onterecht beperkt, wat Allah ruim voor zijn schepselen heeft gemaakt.
4. Het verbod van dingen geldt vanwege hun onzuiverheid of schadelijkheid:
Allah heeft een aantal zaken verboden verklaard (Haram).
Dit verbod geld voor zaken die onzuiver zijn of schadelijk.
Zo is bijvoorbeeld het nuttigen van alcohol Haram.
Voor alcohol is het overduidelijk wat voor schadelijke gevolgen dit heeft:
- Lichamelijke problemen zoals aantasting van de lever en hersenen.
- Sociale problemen door de verslavende werking: agressie en gebroken gezinnen door drank.
- Auto-ongevallen door de benevelende werking van alcohol die jaarlijks vele doden kost.
een aantal andere zaken die vanwege hun onzuiverheid of schadelijkheid verboden zijn:
- Het eten van varkensvlees
- Het eten van 'dode' dieren. (dieren die niet geslacht zijn maar een natuurlijke dood zijn gestorven)
- Het gebruik van bedwelmende middelen (drugs)
- Het doen van zaken die schadelijk zijn voor geloof, moraal, eer of voor de goede manieren in de maatschappij. (bijvoorbeeld prostitutie)
5. Dat wat Halal is, is toereikend, terwijl dat wat Haram is, overbodig is.
Een van de mooie dingen van de islam is, dat zij alleen maar dat verbiedt wat onnodig of vervangbaar is, terwijl het alternatieven aandraagt die beter zijn en een groter gemak en comfort aan de mensen bieden:
Hij heeft het dragen van zijde (voor mannen) verboden, maar heeft hen de keuze gegeven uit andere materialen zoals wol, linnen en katoen.
Hij heeft overspel, verkrachting en homoseksualiteit verboden, maar heeft het wettig huwelijk aangemoedigd.
Hij heeft het drinken van bedwelmende dranken verboden, opdat men van andere heerlijke dranken, die gezond voor lichaam en geest zijn, kan genieten.
En Hij heeft onzuiver voedsel verboden, maar voor ander gezond voedsel gezorgd.
Als we alle islamitische verboden overzien, blijkt dat Allah de keuze voor zijn dienaren in sommige dingen beperkt heeft.
Hij voorziet hen daarnaast echter van een veel groter hoeveelheid weldadige alternatieven van een zelfde soort.
Want Allah heeft beslist niet de wens om mensen het leven moeilijk, bekrompen en beperkt te maken.
Integendeel, wat Hij voor hen wenst is gemak, goedheid, leiding en genade:
Allah wenst u te onderrichten en te leiden naar de paden van degene die voor u waren en u Zijn barmhartigheid te belonen.
Allah is Alwetend en Alwijs.
En Allah wenst zich in barmhartigheid tot u te wenden,
maar zij, die hun lagere begeerte volgen,
wensen dat gij ver zult afdwalen.
Allah wil uw last verlichten,
want de mens is zwak (van aard) geschapen.
(Koran An-Nisa: 26-27)
6. Alles wat naar het Haram leidt, is zelf ook Haram.
Een ander islamitisch principe is, dat als iets verboden is, alles wat ertoe leidt ook verboden is.
Hiermee heeft de islam om alle wegen die naar het Haram leiden te blokkeren.
Bijvoorbeeld:
De islam heeft seks buiten het huwelijk verboden.
Het heeft ook alles verboden wat dit aanlokkelijk maakt of wat ertoe leidt, zoals verleidelijke kleding, privé-afspraakjes en vrijblijvende omgang tussen mannen en vrouwen, het afschilderen van naaktfiguren, pornografische lectuur, etc.
In overeenstemming hiermee hebben islamitische juristen het criterium vastgesteld dat alles wat het Harame bevordert of ertoe leidt, zelf ook Haram is.
Eenzelfde principe is dat de verbodsovertreding niet beperkt is tot degene die hem begaat, maar zich uitstrekt tot degenen die hem daarbij geholpen hebben, mentaal of materieel.
Ieder wordt verantwoordelijk voor zijn eigen deel gehouden.
Bijvoorbeeld:
In het geval van bedwelmende dranken heeft de Profeet (vzmh) niet allen degene die het drinkt vervloekt, maar ook degene die het geproduceerd heeft, degene aan wie de prijs betaald is, etc.
Hieruit kunne we de regel afleiden dat alles wat helpt om wat Harams te doen, zelf Haram is en iedereen die een ander hierbij assisteert, meedeelt in de zonde ervan.
7. Het is verboden om dat wat Halal is, valselijk voor te doen als Haram.
Zoals de islam alles verboden heeft wat tot het Harame leidt, heeft het ook verboden dat men zijn toevlucht neem in de formele wetgeving om wat Haram is te kunnen doen, door middel van kromme redeneringen en door Satan geïnspireerde excuses.
De Joden zijn met name voor zulke praktijken berispt.
De Profeet (vzmh) zei: "Handel niet als de Joden die Allah's verboden door ondeugdelijke excuses, formeel wettig gemaakt hebben"
Dit refereert naar het feit dat Allah de Joden verboden had om op Sabbat (zaterdag) te jagen.
Om dit verbod te ontwijken groeven zij geulen op vrijdag, zodat de vis er op zaterdag zou invallen en zij hem op zondag konden vangen.
Degenen die hun toevlucht zoeken in rationalisering en excuses om hun praktijken te rechtvaardigen, beschouwen zulke handelingen als wettig. Maar islamitische wetgeleerden beschouwen het als Haram, aangezien het Allah's doel was hen op Sabbat (zaterdag) te verhinderen te jagen, of het nu direct of indirect was.
Iets wat Haram is anders noemen of zijn vorm veranderen terwijl de essentie hetzelfde blijft, is een verderfelijke tactiek, want het veranderen van een naam of een vorm heeft geen gevolg zolang het ding zelf of de essentie hetzelfde blijft.
Dus als een aantal mensen nieuwe termen bedenken om met rente te kunnen omgaan of om alcohol te kunnen consumeren, blijft de zonde van het omgaan met rente of het consumeren van alcohol bestaan.
8. Goede bedoelingen maken hetgeen Haram is nog niet acceptabel.
In al zijn wetgevingen en morele bevelen legt de islam grote nadruk op de nobelheid van gevoelens, verhevenheid van doelen en zuiverheid van bedoelingen.
De Profeet (vzmh) zei: "De daden worden naar intentie beoordeeld en iedereen wordt naar intentie beloont."
Alle zaken die door een moslim worden gedaan als een daad van aanbidding van Allah beschouwd en verdienen in het hiernamaals een beloning.
In het geval van het Harame is het anders: het blijft Haram, hoe goed men het ook bedoelt heeft, hoe loffelijk het streven of hoe eerbaar het doel ook is.
De islam stemt er nooit mee in om een Haram middel voor een hoffelijk doel te gebruiken.
Er wordt juist op aangedrongen dat niet alleen het doel eerbaar moet zijn, maar ook de middelen die ervoor gekozen worden.
Als iemand die zich door woeker, valsheid in geschrifte, gokken of op enig andere ongeoorloofde manier verrijkt en dit geld gebruikt om een moskee te bouwen, een liefdadigheidsinstituut op te richten of een ander goed werk te doen, dan zal de schuld van de daad die Haram was niet van hem worden afgenomen, omdat hij een goed einddoel had.
In de islam hebben goede doelen of goede bedoelingen geen resultaat in het verminderen van de zondigheid van zaken die Haram zijn.
9. Twijfelachtige zaken dienen vermeden te worden.
Dankzij Allah's genade aan de mensen zijn zij niet in onwetendheid omtrent het Halal en Haram gebleven.
Hij heeft hen zelfs heel duidelijk gemaakt, wat Halal is en hen uitgelegd wat Haram is.
In overeenstemming daarmee mag men het Halal doen en moet men het Harame vermijden, zolang men de keuze hieruit heeft.
Er is echter tussen het duidelijke Halal en het duidelijke Haram een grijs tussengebied.
Dit is het terrein van hetgeen twijfelachtig is.
Sommige mensen zijn niet in staat om te beslissen of iets Halal of Haram is.
Zulke verwarring kan veroorzaakt worden door een twijfelachtig bewijs of door twijfel aan de toepasbaarheid van de tekst op een bepaalde omstandigheid of een specifieke kwestie.
Als het om zulk soort zaken gaat dan rekent de islam het tot de vrome daden van de moslims om het twijfelachtige te vermijden, opdat men er zeker van is dat men niets Harams doet.
10. Het Haram is voor iedereen verboden.
In de islamitische Shari'ah (wetgeving) heeft het Harame een universele toepassing.
Hierbij bestaat er niets dat voor een niet-Arabier verboden is, maar voor een arabier toegestaan is.
Noch iets dat wat beperkingen aan zwarten oplegt maar aan blanken toegestaan wordt.
Er bestaan geen klassen met bepaalde privileges of individuen die in de naam van de godsdienst kunnen doen wat ze willen.
Moslims hebben geen enkel recht om iets voor anderen Haram te maken, terwijl het voor henzelf Halal is.
Dit zou ook niet kunnen want Allah is waarlijk de Heer van iedereen en de islamitische Shari'ah geldt voor alle mensen.
Wat Allah heeft toegestaan in de Shari'ah is voor alle mensen wettig en wat Hij verboden heeft is voor alle mensen tot op de Dag der Opstanding verboden.
Bijvoorbeeld:
Stelen is even Haram voor moslims als voor niet-moslims.
De straf ervoor is hetzelfde, ongeacht de familie en de afkomst van de dief.
11. Nood breekt wet.
Hoewel de islam het aantal verboden zaken beperkt heeft, is het tegelijkertijd heel streng in het voorkomen van verbodsovertredingen.
Het heeft daarom de weg geblokkeerd die openlijk of verborgen tot deze verboden leidt.
Dus wat tot het Harame leidt is zelf Haram.
Datgene wat meewerkt aan het Harame is zelf Haram.
Kromme redeneringen om zich met het Harame in te laten is Haram.
Maar tegelijkertijd is de islam noch blind voor de noden en het belang van het leven, noch voor de menselijke zwakheid om het te verdragen.
Het wordt de moslim toegestaan om in geval van nood verboden voedsel te eten in die hoeveelheden die voldoende zijn om hem te doen overleven en hem van de dood te redden.
In deze context wordt, na het opnoemen van het verboden voedsel, te weten dode dieren, bloed en varkensvlees, door Allah wa Ta'ala gezegd:
Maar hij,
die gedwongen is en dit niet wenst en geen overtreder is,
op hem rust geen zonde.
Want Allah is Vergevingsgezind, Genadevol.
(Koran Al-Bakara :173)
Om je volledig over te geven aan de islam zijn er 6 basiselementen waarin je moet geloven:
1. De eenheid van god
2. De profeten
3. De boeken
4. De engelen
5. De dag des oordeels
6. De voorbeschikking
1. De eenheid van god
Er is geen god dan Allah.
In naam van Allah, de Barmhartige, de Genadevolle.
1. Zeg: Allah is de enige.
2. Allah is zichzelf genoeg, Eeuwig.
3. Hij verwekte niet, noch werd hij verwekt
4. En niemand is hem in enig opzicht gelijk.
(Surat Al Iglaas)
Zoals bovenstaand vers uit de Koran aangeeft is Allah de enige in zijn soort.
Er is geen god dan Allah, niemand is hem in enig opzicht gelijk.
Hij verwekte niet noch werd hij verwekt: Allah is er nu, was er altijd al en zal er altijd zijn.
Hieruit blijkt ook dat hij geen kinderen kan verwekken, dit zijn menselijke eigenschappen.
Wanneer Allah wil dat er iets is zegt hij 'WEES' en er is.
Geloof begint met de sjahadah (getuigenis).
‘Ashadoe ella Ilaha Illa Allah, wa ashadoe enna Mohammeden ‘abdoehoe wa rasoeloeh’.
Dit betekent: Er is geen god dan Allah en Mohammed is zijn dienaar en profeet.
2. De profeten
Geloof in alle Profeten.
De islam vereist geloof in alle profeten zonder onderscheidt, van Adam tot Mohammed (vrede zij met hen allen)
We beschouwen alle profeten als hemelse leraren, die kwamen om de mensheid te bekeren en te leiden naar God.
In sommige religies wordt het schelden op profeten van andere religies ook wel eens als een vorm van vroomheid beschouwd , maar als een moslim ook maar het minste disrespect zou tonen aan het adres van grondleggers van het Judaïsme of het Christendom, zal dat gaan ten kostte van zijn eigen overtuiging.
Een moslim moet na het bezigen van een naam van een profeet , het doen volgen met de lofuiting; ‘Aleihi-assalam’ ofwel ‘Vrede zij met hem’ (vzmh)
Zoals we geloven in alle profeten, geloven we ook dat alle religies van uit de Waarheid ontsprongen zijn.
Maar door de tijd heen zijn ze vermengd met menselijke uitvindingen en verzinsels.
Bovendien waren de meeste van deze leerstellingen plaats en tijdgebonden, waaraan later universele waarden werden toegevoegd.
Wij geloven dat de Koran al deze en aanvullende leerstellingen bevat die permanent en universele waarden bezitten en die bedoeld zijn voor alle naties.
3. De boeken
Geloof in alle boeken.
Geloof in alle openbaringen van God: waaronder de Torah aan Mozes, de Psalmen aan David, het Evangelie aan Jezus, die oorspronkelijk door God zijn geopenbaard en die allen destijds zuivere bronnen van leiding waren voor de mensen van die tijd.
Deze boeken zijn echter niet meer intact en niet meer in gebruik.
Hun fundamentele waarheden echter , zijn terug te vinden in de Heilige Koran.
De Heilige Koran is het geschrift voor de gehele mensheid.
Dit woord van God is geopenbaard in de Arabische taal aan de Heilige profeet Mohammed (vzmh) 1400 jaren geleden en is geheel behouden gebleven zonder enig wijziging.
Er zijn talloze moslims die het hele boek letterlijk uit het hoofd kennen.
De leerstelling is gebalanceerd, flexibel en universeel en er zijn vele vertalingen van.
Het bevat alle morele en spirituele vereisten voor de ontwikkeling van de mensheid.
4. De engelen
Geloof in de engelen.
Allah heeft de engelen geschapen uit puur licht.
Engelen zijn Gods dienaren, die in opdracht van Hem taken uitvoeren
5. De dag des oordeels
Geloof in het hiernamaals.
Volgens de Islam is er leven na de dood.
De Hel is een plaats waar de menselijke ziel wordt gestraft. De Hemel is het verkrijgen van een eeuwig leven van volledige blijheid en geluk door verbondenheid met God en door het ontwikkelen van de spirituele kwaliteiten en eindeloze positieve capaciteiten die een mens bezit.
6. De Voorbeschikking
Moslims geloven in de Goddelijke voorbeschikking (Al-Qadr), goed of slecht, die Allah voor al Zijn schepselen volgens Zijn allesomvattende kennis heeft voorbestemd.
Allah heeft alles geschapen in perfecte verhoudingen en Hij is de absolute Beheerser en Regeerder.
Wanneer je het geloof goed gebaseerd hebt op al deze elementen, dan heb je de Islam geaccepteerd.
En door het geloof te verklaren (Sjahadah), onderwerp je je aan de Islam en word je een herboren moslim waarmee je de poorten van genade en vergiffenis voor jezelf opent.
|
|
|
|
|